+32 2 725 70 00

Direct registreren »

Home | FAQ | Kunstenaars

Zoeken in FAQ


Kunstenaars

Wat is het “Kunstenaarsstatuut”?

Het “Kunstenaarsstatuut” is geen apart sociaal statuut. Ook artiesten werken ofwel als werknemer ofwel als zelfstandige. Als een artiest via een Sociaal Bureau voor Kunstenaars als Tentoo werkt, valt hij onder het werknemersregime. Het statuut (en de sociale bescherming) die hieruit voortvloeit, wordt vaak “het Kunstenaarsstatuut” genoemd. Gezien de kunstenaar feitelijk als werknemer werkt, kan hij onder dit statuut ook aanspraak maken op een werkloosheidsvergoeding wanneer hij geen opdrachten heeft.

De RVA kent een aantal voordelen toe aan kunstenaars die als werknemer werken. Terwijl voor gewone werknemers die langer werkloos zijn hun werkloosheidsuitkering geleidelijk aan vermindert, is dit voor kunstenaars niet het geval. Die voordeelregel vloeit voort uit het feit dat kunstenaars vaak actief zijn in sectoren waarin voornamelijk met contracten van zeer korte duur wordt gewerkt. De voorwaarden zijn dat deze kunstenaar een artistieke hoofdactiviteit heeft en ten minste één artistieke prestatie per jaar volgend op de toekenning van zijn werkloosheidsuitkering kan aantonen.

Om als werknemer in aanmerking te komen voor een werkloosheidsvergoeding, moet je een bepaald aantal werkdagen gewerkt hebben:

Leeftijd Aantal Dagen Referentieperiode
-36 312 18 maanden voor aanvraag
36 - 49 468 27 maanden voor aanvraag
50+ 624 36 maanden voor aanvraag

Kunstenaars worden vaak op erg onregelmatige basis tewerkgesteld en worden meestal betaald per taak of “per cachet”. Hierdoor is het voor kunstenaars minder evident om aan het vereiste aantal werkdagen te geraken. De zogenaamde “cachetregel” komt hierin enigszins tegemoet, hoewel deze regel enkel wordt toegepast op muzikanten en schouwspelartiesten. Op voorwaarde dat de muzikanten en schouwspelartiesten voor hun werk met een taakloon worden vergoed, wordt het aantal dagen gelijk gesteld aan het resultaat van de deling van het ontvangen brutoloon door het referteloon van € 37,70 per dag.

Als een muzikant bijvoorbeeld € 13000 verdient gedurende de referteperiode, wordt het brutoloon € 13000 gedeeld door het referteloon € 37.70, wat een uitkomst oplevert van ongeveer 344. Dat is hoger dan het vereiste aantal van 312 dagen (voor iemand jonger dan 36), dus deze muzikant zal in aanmerking komen voor een werkloosheidsvergoeding onder het kunstenaarsstatuut.

Voor meer informatie zie www.kunstenloket.be.

 

Wat is de kleine vergoedingsregeling?

De kleine vergoedingsregeling biedt de mogelijkheid om een kleine vergoeding toe te kennen aan kunstenaars, waarop geen sociale bijdragen en belastingen moeten worden betaald. Als de wettelijke voorwaarden worden gerespecteerd worden deze kleine vergoedingen beschouwd als forfaitaire onkostenvergoedingen die vrijgesteld zijn van sociale en fiscale heffingen.

De kleine vergoedingsregeling is een all-in kostenvergoeding die je niet kan combineren met een andere kostenvergoeding (zoals afgelegde kilometers). Onderstaande maxima moeten worden gerespecteerd om deze regeling te kunnen gebruiken:

  • maximaal € 118.08 per dag per opdrachtgever;
  • niet meer dan 7 dagen na elkaar bij dezelfde opdrachtgever;
  • niet meer dan 30 dagen per jaar;
  • maximaal € 2.361.52 per jaar.

In afwachting van de kunstenaarskaart wordt de opdrachtgever aangeraden om de kunstenaar een verklaring op eer te laten ondertekenen waarin de kunstenaar verklaart nog in aanmerking te komen voor de kleine vergoedingsregeling (ref. http://www.kunstenloket.be/advies/vergoedingen/de-kleine-vergoedingsregeling-andere-kostenvergoeding). Tentoo voorziet een dergelijke modelovereenkomst.

 

Wie is “kunstenaar” en wie niet?

De wet verstaat onder het leveren van artistieke prestaties en/of het produceren van artistieke werken "de creatie en/of uitvoering of interpretatie van artistieke oeuvres in de audiovisuele en de beeldende kunsten, in de muziek, de literatuur, het spektakel, het theater en de choreografie". Kortom, elke activiteit waarbij de nadruk ligt op het artistieke.

Er is sprake van een “grijze zone” hieromtrent, juist omdat deze definitie niet erg specifiek is. De Commissie Kunstenaars oordeelt in twijfelgevallen over de uiteindelijke aard van de functie (artistiek of niet-artistiek). Er zijn wel enkele basisprincipes. Een fotograaf is bijvoorbeeld meestal artistiek bezig, terwijl een assistent-fotograaf verondersteld wordt om niet-artistiek werk te leveren omwille van de classificatie “assistent”.